Ameland – wiki

Vakantiebungalows Ameland

■ Ameland is uit het westen gerekend het vierde bewoonde Nederlandse Waddeneiland en behoort tot de provincie Fryslân. Het gehele eiland valt onder één gemeente, die dezelfde naam draagt. Op 1 januari 2014 telde het Waddeneiland, en dus ook de gemeente, 3.565 inwoners (bron: CBS). De bewoners worden Amelanders genoemd.

■ Geografie

De Waddeneilanden vormen de grens tussen de Noordzee en de Waddenzee die aan de zuidkant van de eilandenrij ligt. Ten westen van Ameland ligt het Borndiep met aan de overkant Terschelling, en in het oosten is bij helder weer nog net het nabijgelegen eiland Schiermonnikoog te zien.

Ameland bestaat voornamelijk uit zandduinen. Ten oosten van Buren ligt het Oerd, een drassig natuurgebied waar veel vogels leven en waar zeewater via een aantal geulen vrijelijk in- en uitstroomt. De totale strandlengte is 27 km en de totale lengte van de fietspaden is 100 km.

■ Dorpen:

Op het eiland bevinden zich vier dorpen: Hollum, Nes, Buren en Ballum. Daarnaast bevinden zich er de buurtschappen Kooiplaats en Ballumerbocht. Vroeger was er nog een ander dorp, Sier genaamd, maar dat is bij stormen “verdronken” en ligt nu in de zee. Hollum is het dorp met het oudste huis van Ameland, gebouwd in 1516.

■ Geschiedenis:

Geologisch gezien is Ameland een vrij jong Waddeneiland. De afgelopen 7000 jaar is het hele waddengebied altijd dynamisch geweest; getijgeulen hebben zich regelmatig verlegd, ook de grenzen van het wadden- en kweldergebied en de locaties van de Waddeneilanden schoven regelmatig op. De ondiepe ondergrond van Ameland bestaat voor een groot deel uit een zandige strandwal, gevormd aan de noordzeekant van de Waddenzee. Op deze strandwal zijn duinen opgewaaid vanaf het strand, aan de zuidkant werden kwelders gevormd.

De eerste vermelding van Ameland heeft men gevonden in kloostergeschriften uit de 8ste eeuw. Het eiland werd daarin genoemd als het ‘Insula que dictur Ambla’. Wanneer zich de eerste mensen op Ameland begaven is onduidelijk maar het eiland moet in ieder geval vanaf het jaar 850 bewoond zijn geweest. De eerste gedateerde menselijke activiteit is namelijk de stichting van het klooster Foswert in 866-899 door de Van Cammingha’s. Dit klooster had in de vroege middeleeuwen het bestuur over heel Ameland in handen. Omstreeks 1109 werd het klooster verplaatst naar Ferwerd, op het Friese vasteland, maar ook toen bleef Ameland daarmee verbonden. Zodoende was Ameland vervolgens drie eeuwen onderdeel van Ferwerderadeel. In 1287 werd Ameland door de Sint-Luciavloed getroffen.

 Vrije Heerlijkheid

De geïsoleerde positie van Ameland had als gevolg dat het in de latere middeleeuwen, toen de Hollandse graven Friesland wilden veroveren, gemakkelijk kon worden ingenomen. In 1398 verpachtte de Hollandse graaf Albrecht Ameland en Het Bildt aan Arend van Egmont, heer van IJsselstein. In 1445 werd in de verklaring van Hartwerd bevestigd dat Ameland geen banden met Ferwerderadeel of de rest van Friesland had. De Egmonts zouden tot 1670 leenheer van Ameland blijven. De feitelijk macht was evenwel in handen van de Cammingha’s.[2] Een proces dat de Egmonts aanspanden tegen de Cammingha’s liep op niets uit; er werd geen uitspraak gedaan.

De eerstbekende heer van Ameland was Rienck Donia. Zijn nageslacht nam de namen Donia van Jelmera aan. Vanaf 1424 trad Ritske Jelmera Cammingha op als vertegenwoordiger van de Amelanders. Hij riep zich uit tot heer van Ameland, dat als zodanig een ‘Vrije Heerlijkheid’ vormde, en sloot in 1429 een overeenkomst met de graaf van Holland. De Cammingha’s hielden er een nogal opmerkelijk feodaal gedachtegoed op na en stelden uitzonderlijke wetten en straffen in. Van een echte vrijheid voor de bevolking was dan ook geen sprake. Zo moesten eigenaren van katten de oren van hun huisdier afsnijden zodat, zoals beweerd werd, deze katten de holen van konijnen niet zouden kunnen binnendringen. Van beschuldigde dieven werd eveneens verwacht dat zij zich eigenhandig een oor afsneden.

Bij de oprichting van de Bourgondische Kreits in 1512 maakte Ameland daar geen deel van uit; het bleef bij de Westfaalse Kreits. Het maakte evenwel geen deel uit van Friesland of Holland, maar was een zelfstandig onderdeel van het Rijk. Zowel in de Tachtigjarige Oorlog als de Eerste Engels-Nederlandse Oorlog (1652-1654) bleef het neutraal.

Hoewel Holland, Friesland en de keizer van het Heilige Roomse Rijk deze quasi-onafhankelijke status betwistten, bleef het eiland een vrijheerschap tot 1680, toen de Amelandse tak van de familie Cammingha uitstierf. Het eiland kwam aan de familie thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg die het in 1704 verkocht aan Henriëtte Amalia van Anhalt-Dessau, via wie het aan de Oranje-Nassaus kwam.

Franse tijd en Koninkrijk der Nederlanden

In 1798 verloor Ameland zijn zelfstandigheid. Het werd onderdeel van de Bataafse Republiek, als deel van het Departement van de Eems. De heerlijkheidsrechten werden afgeschaft.

Na de Franse tijd en de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1815 werd het eiland deel van de provincie Friesland, en werden de heerlijkheidsrechten ten dele hersteld. Ameland werd een grietenij, de Friese voorloper van de gemeente, van Friesland, en bij de invoering van de gemeentewet werden de grietenijen gemeentes. De koningen en de koninginnen van Nederland handhaven vandaag nog steeds de titel vrijheer van Ameland.

Dam

Van 1871 tot 1872 werd bij het wantij een dam gebouwd tussen Ameland en het vasteland door een maatschappij voor landaanwinning van de Friese eilanden. Door aanslibbing wilde men landbouwgrond creëren. De provincie Friesland en het Nederlandse Rijk betaalden ieder 200.000 gulden. Het was geen succes: de dam bleek niet stormbestendig en na zware stormen in de winter van 1882, werd besloten met de reparatiewerkzaamheden te stoppen. De dam is bij eb nog steeds deels te zien. De veerdam bij Holwerd is de aanzet van deze dam.

Tweede Wereldoorlog

In 1940 werden Duitse troepen naar Ameland gebracht. Binnen enkele uren was Ameland onder de controle van het Duitse leger. Omdat Ameland weinig strategische waarde had voor de geallieerden is er nooit een invasie uitgevoerd op Ameland. De Duitse troepen gaven zich pas op 3 juni 1945 over, bijna een maand na de capitulatie van nazi-Duitsland. Op Ameland zijn meerdere bunkers door de Wehrmacht aangelegd die deel uit maakten van de Atlantikwall. De bunkers ten zuidwesten van Hollum dienden als kustbescherming voor de verdediging van het Borndiep. In november 2010 zijn er opgravingen verricht om te inventariseren of de bunkers als museum kunnen fungeren. Na deze opgravingen zijn de bunkers weer grotendeels begraven.

■ Cultuur:

Op Ameland wordt geen Fries, maar Amelands gesproken, een mengdialect dat verwant is aan het Stadsfries.

Ameland is door zijn bijzondere lichtval en landschap reeds lang een geliefde verblijfplaats voor kunstenaars. Sinds 1996 wordt er in november de Ameland kunstmaand georganiseerd. Over het hele eiland exposeren dan kunstenaars uit binnen- en buitenland op dertig locaties hun schilderijen, keramiek, foto’s, beelden en installaties.

■ Scheepvaart:

Haven

Bij Nes, aan de zuidkant van Ameland, liggen de veersteiger en de jachthaven van het eiland. De jachthaven is één van de 17 waddenhavens en wordt beheerd door Stichting Jachthaven het Leyegat en is geopend van 1 april tot 1 november. Bij laagwater is de haven alleen voor kleine schepen aan te varen vanwege de geringe diepte van 0,60 – 0,80 m bij de haveningang. De aanvaarroute door de Reegeul is recht en bebakend. De haveningang bevindt zich aan de oostkant van de veerbootsteiger. Vanaf de Reegeul moet rekening gehouden worden met af- en aanvaart van veerboten en rondvaartboten. Droogvallen kan op verschillende plekken, bijvoorbeeld ten oosten van de jachthaven. De haven heeft drijvende steigers met stroomaansluiting, een havenkantoor met meteo- en getijde-informatie en sanitaire voorzieningen.

Veerdienst

Rederij Wagenborg onderhoudt een veerdienst tussen Nes en Holwerd.

Reddingsdienst

Het reddingstation van de KNRM heeft eigen faciliteiten in de Ballumerbocht aan de stroomleidam, zo’n 4 kilometer ten westen van de veerdam. Tot 1988 was de reddingsboot een motorsloep, die op het strand vanaf een botenwagen gelanceerd werd. Vanaf 1988 is er een motorreddingsboot en is de lancering van de reddingsboot met behulp van paarden een toeristische attractie. Ameland was het enige reddingsstation in West-Europa waar dit tot het eind van de motorsloep met behulp van paarden gebeurde. Op 14 augustus 1979 ging het mis, en werden de paarden in een diep zwin gesleurd. Ze zijn in de duinen begraven, naast de overgang waar de reddingsboot over het duin naar het strand getrokken werd. Hoewel overwogen werd om de paarden door een waterbestendige tractor te vervangen, is besloten nieuwe paarden op te leiden en de paardentractie te handhaven. Deze gebeurtenis wordt de ramp van Ameland genoemd. De oude reddingsboot is tentoongesteld in het reddingsmuseum “Abraham Fock”, dat anno 2008 in restauratie is.

Vliegverkeer:

Het eiland beschikt over een klein vliegveld bij Ballum: Ameland Airport Ballum. Het wordt voornamelijk recreatief gebruikt, maar het is ook een landingsplaats voor de SAR reddingshelikopters van het 303 Search And Rescue squadron op Vliegbasis Leeuwarden, dat ambulancediensten levert voor het waddengebied.

Zonnepark:

In oktober 2013 kreeg Ameland een subsidie van het Waddenfonds voor de bouw van een zonnepark met een vermogen van 6 megawatt (MW). Het zonnepark zal na realisatie voorzien in minimaal 20% van het elektriciteitsverbruik van het eiland. Het park met een omvang van circa 10 hectare komt op het vliegveld van Ameland. De totale kosten van het project bedragen zo’n 6,9 miljoen euro.

Deze tekstinformatie hebben wij voor u verzameld vanaf Wikipedia, de vrije encylopedie.